Oude leidingen, kokers en tunnels opvullen gebeurt in België nog vaak met vloeibeton. Toch wint een alternatief snel terrein. Benefil, een dragend hardschuim, biedt volgens Johnny Fonteyne, zaakvoerder van ALV, belangrijke voordelen op het vlak van snelheid, logistiek en hinderbeperking. Grote infrastructuurprojecten zoals de Oosterweelverbinding en de R4 tonen alvast dat deze techniek vlot voldoet aan de verwachtingen.
"De grootste winst zit in de logistiek en materiaalbesparing", vertelt Johnny Fonteyne. "Met één vrachtwagen vullen we tot ongeveer 200 kubieke meter op. Voor hetzelfde volume met vloeibeton heb je een hele stoet betonmixers nodig."
Dat verschil vertaalt zich rechtstreeks naar de werf. Minder transport betekent minder verkeershinder, minder uitstoot en een vlottere uitvoering. Zeker op drukke locaties of in stedelijke omgevingen levert dat een groot voordeel op. Volgens Fonteyne maakt die efficiëntie het product bijzonder geschikt voor het opvullen van oude rioleringen, leidingen en andere ondergrondse infrastructuur.

ALV paste Benefil al toe op verschillende grote projecten. “Bij de Oosterweelverbinding werden een tiental wachtbuizen onder het Albertkanaal volledig opgevuld rond aanwezige bekabeling. Zo ontstond een stabiele ondergrond die verdere werken mogelijk maakte. De eigenlijke uitvoering nam ongeveer een halve dag in beslag", zegt Fonteyne.
Ook op de R4 werd Benefil ingezet. Daar vulde ALV onder meer een tunnel, twee kokers onder een spoorweg, een kleinere koker onder de R4, oude rioleringen en een waterleiding op. Die praktijkvoorbeelden tonen volgens Fonteyne aan dat hardschuim inzetbaar is voor uiteenlopende toepassingen binnen de wegen- en infrastructuurbouw.

Een veelgehoorde vraag gaat over de draagkracht. Fonteyne begrijpt die bezorgdheid, maar ziet weinig reden tot twijfel. "Benefil haalt ongeveer 15 ton per vierkante meter. Voor de meeste wegenwerken en constructies is dat ruim voldoende."
Toch wordt in Belgische bestekken vandaag nog vaak standaard vloeibeton voorgeschreven. Daardoor krijgt het alternatief niet altijd de kans om objectief te worden afgewogen. Volgens Fonteyne ligt de uitdaging dan ook niet bij de uitvoering, maar bij de manier waarop projecten worden voorbereid.

Steeds meer aannemers hebben intussen ervaring met Benefil hardschuim. Bedrijven zoals Besix, Stadsbader, Casteleyn, Aquaenergia, Aquafin en Viabuild passen het materiaal al toe. "Maar ook studiebureaus moeten overtuigd raken", besluit Fonteyne. "Zodra het product vaker in bestekken wordt opgenomen, zal de toepassing vanzelf groeien. In Nederland gebruikt men het vandaag al veel vaker."
Volgens hem ligt daar de sleutel voor de toekomst. De praktijk bewijst dat Benefil snel, efficiënt en betrouwbaar werkt. Nu is het vooral zaak om die praktijkervaring ook structureel te laten doorstromen naar ontwerpers en bestekschrijvers, zodat innovatieve oplossingen vaker een volwaardige plaats krijgen binnen infrastructuurprojecten.
Neem dan rechtstreeks contact op met ALV bvba.
Contact opnemen